Wie vraagt, is geslaagd!

Uit de praktijk - 17 april 2019 - Door Erno Mijland

Ik ben groot geworden met de mantra ‘wie vraagt, wordt overgeslagen’ en de redenering dat wie vragen stelt de dingen niet weet en dus een beetje dom is. Mijn kinderkoppie ontplofte soms bijna van alle vragen die ik had, maar niet durfde te stellen. Mijn strategie was: in de klas gedwee mijn mond houden en bij de bibliotheek steevast het maximaal aantal informatieve boeken lenen.

De tijden zijn veranderd. De onderzoekend leren-aanpak zegt: vragen stellen is niet dom, het is juist hartstikke slim. Vragen zetten je aan het denken, laten je in verwondering naar de wereld kijken, brengen je op nieuwe ideeën. Wie vraagt, is bij voorbaat al geslaagd! Maar hoe zorg je ervoor dat kinderen vragen gaan stellen? Drie tips!

Eén: jonge kinderen stellen al vaak en veel vragen. Geef een antwoord op hun ‘waarom’ en ze beantwoorden je antwoord doodleuk met een nieuw ‘waarom’. Leer het ze niet af. Koester de vragen die ze stellen, geef vragen een podium, vraag door en onderzoek.

Print deze afbeelding om een vragenparkeerplaats in je klas te creëren.Twee: verzamel de hele week door vragen van leerlingen op een zichtbare plek. Creëer een vragenparkeerplaats in de klas, waarop leerlingen alle vragen kunnen verzamelen die niet direct behandeld kunnen worden in de les. Op een vast moment in de week worden de vragen die op de parkeerplaats zijn verzameld behandeld. Kies eventueel een vraag van de week. Dat is de vraag die om het meeste onderzoek vraagt.

Drie: stel elke dag minimaal één moeilijke vraag aan je klas. Hoe kan het dat maiskorrels in popcorn veranderen als je ze verhit? Wat kunnen kinderen beter dan volwassenen? Welke beroepen zouden verdwijnen als iedereen 100% eerlijk zou zijn? Of geef ze een vragendouche: vuur een hele serie vragen op ze af. Welke vraag vonden ze het grappigst, het meest interessant?

Meer tips nodig? Durf het ons te vragen!

Deze column verscheen eerder in onze nieuwsbrief van mei 2019