Serendipiteit en (onderzoekend) leren

Uit de praktijk - 4 april 2017 - Door Erno Mijland

‘Looking for the needle in the haystack, but finding the farmer’s daughter instead.’ Het is hoe men in het Engels het begrip serendipiteit duidt. Als we de hooiberg symbool laten staan voor de overvloed van informatie waarmee lerenden van nu te maken hebben, wat betekent serendipiteit dan voor leren?

Het begrip serendipiteit is ontleend aan een oud verhaal over koning Jafer van het eiland Serendip. Deze koning heeft drie zonen die een goede opvoeding hebben gekregen, maar nog niet klaar zijn voor het koningsschap. Daarom stuurt hij ze op missie. De opdracht: vind het tovergedicht, waarmee we de draken in de zee om ons eiland voor altijd kunnen wegjagen. De prinsen gaan op reis en doen vele, verre landen aan. Overal waar ze komen wacht hen grote uitdagingen, die alleen met toewijding, moed en wijsheid aangegaan kunnen worden. Het toeval brengt hen in situaties waarvan ze veel leren, maar het gedicht vinden ze niet. Als ze uiteindelijk terugkeren naar hun vader, vertellen ze teleurgesteld dat ze niet in de missie geslaagd zijn. De koning legt uit dat er nooit zoiets als een tovergedicht heeft bestaan, maar dat hij wist (en nu bevestigd ziet) dat zijn zonen zo veel zouden leren op hun reizen dat ze helemaal klaar zouden zijn voor het koningsschap.

De 21e eeuwse hooiberg

Wie zich anno nu een uitdagend leerdoel stelt (het ‘koningsschap’) komt te staan voor een hooiberg aan bronnen in de vorm van zowel oneindige hoeveelheden digitaal vastgelegde informatie van wisselende kwaliteit als toegang tot oneindig vele levende bronnen via fysieke en virtuele netwerken. Via zes stappen, zo vertelt het concept ‘six degrees of separation’, hebben we toegang tot ieder mens op deze aarde. Met toegang tot LinkedIn, Facebook of Twitter ben je er meestal nog sneller. Enerzijds is het belangrijk in deze situatie het doel voor ogen te houden, je niet af te laten leiden. Dat kan moeilijk zijn. Je kent vast het effect dat je even wat wilt Googlen en er een uur later achterkomt dat je bent verzand in een wereld van YouTube-filmpjes, infographics over heel andere onderwerpen en felle discussies over een actualiteit.

Serendipiteit

Jezelf beschermen tegen dergelijke ontsporingen is meestal verstandig, maar je kunt daarmee ook toevallig passerende briljantjes missen. De boerendochter niet missen als je op zoek bent naar de speld, dat is waar serendipiteit over gaat. In zijn boek ‘E-learning. Trends en ontwikkelingen’ koppelt Wilfred Rubens serendipiteit aan leren: ‘We spreken van serendipitous learning (‘toevallig leren’) als je iets onverwachts en bruikbaars leert, terwijl je eigenlijk met iets totaal anders bezig bent (dat hoeft niet per se leren te zijn).’ Ik heb het ook wel eens oog hebben voor de ‘collateral benefits’ genoemd, of lekker allitererend: de briljante bijvangst. Serendipiteit hangt samen met creativiteit, in die zin dat het hoge mate van ‘open staan voor’ en alertheid vraagt en tot nieuwe oplossingen en inzichten kan leiden.

Onderzoekend leren

Bij sterk gestructureerde vormen van leren is de naald en in ieder geval de weg ernaartoe al zichtbaar. Alle hooi is door methodemakers of door de leerkracht netjes aan de kant geschoven. Dat kan in bepaalde situaties en voor bepaalde kennis en vaardigheden uitermate effectief zijn en heeft dan een grote waarde. Maar we mogen ons in het onderwijs niet beperken tot deze vorm van leren, als we willen dat de begeleide lerenden van nu de zelfstandig lerenden van morgen moeten worden. Als we willen dat professioneel lerenden weten hoe ze moeten zoeken én die de toevallige ontdekkingen op waarde kunnen schatten.

Onderzoekend leren (of variaties daarop) kan hier een bijdrage aan leveren. Dat doet het vooral als het meer is dan ervaringen opdoen met zoeken in een hooiberg om uiteindelijk de naald te vinden en die te presenteren. Zelfstandig lerende word je vooral ook als je begeleiders je gids zijn in het proces, je helpen en leren reflecteren. Soms door structuur te bieden of een stukje instructie, soms door hun ‘inner Manuel’ op te roepen (‘I know nothing, dus zoek eerst zelf nog maar eens’), maar vooral ook door als de koning van Serendip te zien en te benoemen wat lerenden toevallig ook leren, terwijl ze bezig zijn iets anders te leren.

Deze blog vertelt het verhaal dat Erno Mijland op 3 april 2017 vertelde als introductie op het Onderzoekscafé bij BCO Onderwijsadvies in Venlo.

Bronnen

  • Mijland, E., (2005). Leef met lef. Hoe creatief denken je leven kan verrijken. Utrecht: Ten Have.
  • Rooij, E. de (2004). De drie prinsen van Serendip. Amsterdam: Clavis.
  • Rubens, W. (2013). E-learning. Trends en ontwikkelingen. Middelbeers: Uitgeverij InnoDoks.