Goed rekenonderwijs in sterk gedifferentieerde groepen

Uit de praktijk - 4 januari 2016 - Door Ruud van der Donk

Een kwalitatief goede rekenles geven in combinatiegroepen is knap lastig. Dat ondervond ook basisschool De Laak in het Gelderse Wamel. ‘Over de noodzaak om het anders te doen was iedereen het snel eens’, blikt directeur Henny Korenromp terug. ‘We gaan nu uit van de onderwijsbehoeften van de kinderen’, zegt IB’er Helmie van Teeffelen over de nieuwe aanpak.

‘We leren nu hoe kinderen rekenen’

De Laak wil boeiend onderwijs geven en alle kinderen goed bedienen. ‘Maar ik zag leerkrachten heen en weer rennen tijdens een rekenles in een combinatiegroep’, schetst Henny de onbevredigende situatie in voorafgaande jaren. ‘Dan wordt er niet altijd door alle kinderen voldoende geleerd.’ De leerkrachten vonden het moeilijk om binnen de methode de groepen aan elkaar te verbinden. ‘Hoe geef je in een combinatieklas een kwalitatief goede instructie? Daar kwamen we zelf niet uit.’

Verminderen instructies

Enkele jaren geleden besloot De Laak het rekenonderwijs aan te pakken vanuit de uitgangspunten van Kansrijke Combinatiegroepen. De school ging onlangs een partnerschap aan met BCO Onderwijsadvies voor dit project. ‘We ontwikkelen samen’, zegt adviseur en rekenexpert Anne van Bijnen. ‘Deze pilot is een vorm van co-creatie. We onderzoeken en leren in de praktijk. Daarbij staan de drie pijlers van Kansrijke Combinatiegroepen centraal: het verminderen van de instructies, de kwaliteit van de instructie verbeteren en samen leren.’

Vier fases

‘Om de instructies te verminderen kijken we op een andere manier naar het clusteren’, zegt Helmie. ‘De onderwijsbehoefte van kinderen binnen elke leerlijn van het rekenonderwijs is het uitgangspunt.’ Gebruikmakend van Anne’s expertise vonden ze een model dat als leidraad voor het clusteren kon dienen. Het model geeft de hoofdfasen van elke leerlijn weer in relatie tot het drieslagmodel en het handelingsmodel. Bekijk het volledige model. De ontwikkeling loopt van begripsvorming naar procedure ontwikkeling, vlot leren rekenen en automatiseren om uiteindelijk de fase van het toepassen en het flexibel rekenen te bereiken. Anne illustreert het model met een voorbeeld: ‘Er zitten 6 appels in een zak. Ik wil 7 zakken kopen. Hoeveel appels heb ik?’ Als een kind dan antwoordt ‘41, want 5 x 7 en nog 6 erbij’, dan zie je dat dit kind wel een strategie gebruikt, wat op procedureontwikkeling duidt, maar dat het geen begrip heeft.’

Rekenleerlijnen

Nu ze de rekenlessen met andere ogen bekijkt, is het voor Helmie duidelijk dat veel methodes te snel overstappen naar het maken van de sommen. ‘De kinderen hebben vaak niet precies door waar ze mee bezig zijn. Juist de begripsvorming is bij rekenen heel belangrijk. Het kwartje valt soms snel, soms duurt het even.’ Ze vervolgt: ‘Nu de leerkrachten vanuit de onderwijsbehoefte redeneren clusteren we de kinderen per rekenleerlijn. Zo kunnen kinderen van groep 4 in de leerlijn optellen en aftrekken geclusterd worden met kinderen van groep 5, bijvoorbeeld op begrip.’ 2 Een kwalitatief goede rekenles geven in combinatiegroepen is knap lastig. Dat ondervond ook basisschool De Laak in het Gelderse Wamel. ‘Over de noodzaak om het anders te doen was iedereen het snel eens’, blikt directeur Henny Korenromp terug. ‘We gaan nu uit van de onderwijsbehoeften van de kinderen’, zegt IB’er Helmie van Teeffelen over de nieuwe aanpak.

Energie

Gemakkelijk hebben de leerkrachten van De Laak het in eerste instantie nog niet met de nieuwe aanpak. Ze zijn gewend de methode te volgen. ‘We worden uitgedaagd om ons te ontwikkelen’, vertelt Helmie. ‘Je gaat heel andere vragen stellen tijdens het lesgeven. Hoe kom je aan die uitkomst? Wat is het verhaal van die som? Wat betekent dat getal? De gesprekjes met kinderen over de gemaakte sommen geven ons veel inzicht.’ En Henny vult aan: ‘De leerkrachten leren door die gesprekjes hoe kinderen rekenen. Leerkrachten doen daarmee nieuwe inzichten op die enorm motiveren. We horen dat ook de kinderen enthousiaster thuiskomen van een rekenles.’ Ze concludeert: ‘Het kost energie, maar er komt ook veel energie vrij om een manier te vinden hoe je vanuit die inzichten een les organiseert. Dat is de vervolgstap waar we nu ervaring mee opdoen.’

"We hebben een jongen op school die zwak is in rekenen. Hij heeft bij rekenen de moed verloren en denkt dat hij het niet kan. We wisten niet hoe we hem konden motiveren voor het rekenen. We wisten wél dat zijn ouders een groenten- en fruitbedrijf hebben. De jongen is vol van wat er in dat bedrijf gebeurt en wil later hetzelfde gaan doen als zijn vader. Na een gesprek met de ouders hebben we hem aan het rekenen gekregen. De juf zet met hem de sommen om in verhaaltjes. Ze gebruikt hiervoor de kistjes en doosjes met aardbeien en andere producten die in het bedrijf worden gebruikt. Op die manier hebben we hem gemotiveerd en heeft hij geleerd wat een vermenigvuldiging inhoudt. We krijgen ondersteuning van zijn ouders. Zijn vader heeft de rekenvoorbeelden elke dag bij de hand! "

Henny Korenromp, directeur basisschool De Laak in Wamel

Meer informatie via annevanbijnen@bco-onderwijsadvies.nl en op www.pinterest.com/rekeninspiratie  

Lees het artikel uit onze nieuwsbrief van januari 2016

Bekijk het model dat als onderlegger dient voor hun manier van werken

Dit artikel is het eerste uit een serie van 3. In het vervolgartikel in de nieuwsbrief van mei 2016 worden de andere twee pijlers (kwaliteit van de instructie en samen leren) beschreven. Gesprekjes om de onderwijsbehoefte te peilen: ‘Hoe kom je aan die uitkomst?’

Lees het vervolgartikel uit onze nieuwsbrief van mei 2016

Lees het vervolgartikel uit onze nieuwsbrief van januari 2017