Betere spellingles op Adalbertschool in Mook door teamleren, IGDI en coöperatieve werkvormen

Uit de praktijk - 5 juni 2020 - Door Marc van de Ven

Spellingles. De leerkrachten van de Adalbertschool in Mook worstelden ermee. En daardoor de kinderen ook: de resultaten waren niet goed. Bijna 2 jaar later is de situatie sterk verbeterd. Dankzij een gezamenlijke, gestructureerde aanpak én professionele begeleiding. ‘Kinderen vinden het leuk omdat ze merken dat ze beter worden.’

Dramatisch is het woord dat bij intern begeleider Noor Heutink opkomt bij de vraag hoe het met spelling ging 2 jaar geleden. ‘Het lukte maar niet om dat te veranderen.’ De school besloot om op een andere lesmethode over te stappen, Taal actief. ‘Maar we zeiden ook: we voeren het in onder professionele begeleiding, we hebben die hulp nodig.’

Introductie IGDI-model

De school schakelde Ellen van der Heijden van BCO Onderwijsadvies en –ondersteuning in. Haar eerste stap: bij alle 15 leerkrachten een spellingles observeren. Tijdens een studiedag vertelde ze wat ze gezien had: het noemen van het doel van de les en de evaluatie aan het einde daarvan waren geen gemeengoed, even opfrissen en een dictee waren geen standaard onderdelen en soms stond een spellingwoord al op het bord vóór de instructie. Ook was aandacht nodig voor een goede instructie en coöperatieve werkvormen. ‘We hebben in een studiebijeenkomst bekeken en ervaren wat goed spellingonderwijs is en hoe je een goede spellingles opbouwt’, zegt Ellen. ‘We gebruiken daarbij het IGDI-model, waarbij de leerkracht eerst in opeenvolgende fases doelgericht instructie en uitleg geeft en leerlingen daarna door oefening en herhaling leren.’

"Langzamerhand zie je elke collega op dezelfde manier lesgeven. Er is veel structuur nu. "

Koen Hermans, leerkracht groep 7 Adalbertschool in Mook

Coöperatieve werkvormen leuk en effectief

De leerkrachten gingen ermee aan de slag: samen een les voorbereiden, 1 leerkracht gaf de les terwijl de ander filmde, samen terugkijken en bespreken. Daarna bespraken de leerkrachten het filmpje met Ellen. Tops en tips werden vervolgens verwerkt in de voorbereiding van nieuwe lessen. ‘Tegelijkertijd zijn we begonnen met coöperatieve werkvormen in de les’, zegt Koen Hermans, leerkracht van groep 7. ‘Werkvormen als tweetal coach, tweetal check, laat zien en rondpraat zijn effectieve manieren om kinderen te leren spellen. Ze overleggen met elkaar, helpen elkaar bij het toepassen van de juiste strategie, kijken elkaars dictee na. Kinderen vinden dat leuk om te doen.’

"We observeren bij elkaar in de klas en hebben het er daarna met elkaar over. Bij de ene zie je dit, bij de andere dat. Daar leer je snel van. "

Noor Heutink, intern begeleider Adalbertschool in Mook

Teamleden observeren elkaar

De teamleden zijn ook bij elkaar in de klas gaan kijken, in wisselende samenstellingen. Noor: ‘We observeren en hebben het er daarna met elkaar over. Bij de ene zie je dit, bij de andere dat. Daar leer je snel van. Koen gebruikt bijvoorbeeld wisbordjes bij het opfrissen. Kinderen schrijven het woord op, houden het omhoog en je ziet direct wie het goed opschrijft en wie niet. Een snelle manier van werken.’ Koen vult aan: ‘Langzamerhand zie je elke collega op dezelfde manier lesgeven. Er is veel structuur nu. Waar de meeste kinderen spelling eerst saai vonden, vinden ze het nu leuk. Door de coöperatieve werkvormen, maar ook omdat ze merken dat ze steeds beter spellen.’ Waar hij ook van geleerd heeft, is van de voorbeeldles die Ellen na een tijdje aan de leerkrachten gaf. ‘De basis stond al, we wisten hoe we les wilden geven. Maar in die les heeft zij de puntjes op de i gezet: waarop leg je de focus, waar kun je snel doorheen en waar neem je uitgebreider de tijd voor.’

Eenduidige manier van werken gewaarborgd

De nieuwe manier van lesgeven heeft succes: de spellingresultaten zijn in elke groep sterk verbeterd, een aantal groepen scoort al boven het landelijk gemiddelde. In een borgingsdocument heeft het team alles vastgelegd: de opbouw van een spellingles, het gebruik van het IGDI-model, de inzet van coöperatieve werkvormen. ‘We blijven bij elkaar in de klas kijken, blijven de structuur van de lessen volgen’, zegt Noor. ‘En als wij elkaar niet op afwijkingen aanspreken, doen de kinderen het wel. Als ik inval en het gaat anders dan normaal, dan krijg ik dat direct te horen. Het is fijn dat er nu een doorgaande lijn is, dat we allemaal hetzelfde doen. Begrijpend lezen gaan we op dezelfde manier aanpakken, ook samen met Ellen.’

Meer informatie bij Ellen van der Heijden via ellenvanderheijden@bco-onderwijsadvies.nl